IJsberen in Tasiilaq, Groenland

 

English version: Polar bears in Tasiilaq, Greenland

3 augustus 2014, nabij Tasiilaq, Ammassalik, Oost-Groenland

Dit is een helaas een waargebeurd verhaal. Tijdens een wandelreis in Oost-Groenland ben ik aangevallen door ijsberen (een volwassen ijsbeer met twee jongen), nabij Qorlortoq Sø ten noorden van Tasiilaq. De dag na onze ontsnapping wordt er nóg een ijsbeer gesignaleerd, ditmaal in de Flower Valley vlakbij het dorp.

De reisorganisatie had gezegd dat hier geen ijsberen zitten: "als je ijsberen wil zien heb je de verkeerde reis geboekt, die zitten honderden kilometers meer naar het noorden bij Ittoqqortoormiit. Nee, 's nachts wachtlopen is niet nodig en een geweer ook niet" (voor waarschuwingsschoten, tenzij die niet werken), tja...
Op dag 1 van de wandelroute zijn wij overgezet met een bootje. Tijdens deze overtocht heeft de schipper beelden van een ijsbeer laten zien aan onze Nederlandse gids, een ijsbeer drijvend op een ijsschots op enkele kilometers van Tasiilaq, één week voor onze komst. In 2013 berichtte een lokale krant eenzelfde scenario. Onze gids heeft echter niks aan ons verteld, herhaaldelijk zei hij tijdens de reis: er zitten hier geen ijsberen.

De laatste jaren worden er 's zomers steeds vaker ijsberen rondom Tasiilaq en Ammassalik gesignaleerd. De lokale politie adviseert dan ook een geweer mee te nemen. Groenlands Natuurinstituut doet onderzoek naar ijsberen in dit deel van Groenland, komt ze ook tegen in de zomer en gaat gewapend op pad. Lokale, Italiaanse en Duitse tour operators doen dit ook. Maar goed, mijn reisorganisatie had van tevoren geen navraag gedaan en wist van niks.
Het toeristenbureau in Tasiilaq (eastgreenland.com) geeft aan dat er in 2014 weliswaar meer ijsberen dan normaal gezien zijn rondom Tasiilaq, zij waarschuwen niet. Zij willen hun richtlijnen baseren op "incidenten uit meerdere jaren" aangezien zij het verplichten van een geweer "beperkend in de vrijheid" vinden.

Laat mijn verhaal (lees hieronder verder) een waarschuwing zijn voor iedereen die naar dit gebied afreist: neem een wapen mee ter bescherming en blijf alert.

Mijn verhaal

Met bonkend hart kijk ik naar ons kamp. 'Nee hoor, hier zitten ze niet', echoot door mijn hoofd. In de verte zie ik drie witte stippen tussen onze tenten scharrelen. Hoezo, hier zitten ze niet! Ik zie ze toch echt! Ik vloek en laat me trillend op de grond zakken. De zon verdwijnt achter wat wolken en ik ril in mijn dunne shirtje. De eerste adrenaline ebt langzaam weg. Naast me rommelt de Duitser onderin zijn backpack, op zoek naar een satelliettelefoon.

S. begint langzaam haar geduld te verliezen met de twee Duitsers, vader en zoon. De zoon heeft eindelijk de satelliettelefoon aan de praat gekregen. Vertwijfeld praat hij in de hoorn "Hello? Can you hear me? There are polar bears in the camp. Eh, what do we need to do?" "Give me that phone!", S. grist de telefoon bijna uit zijn handen. "Hello, we have been attacked by POLAR BEARS, they are in the camp, we need rescue, a helicopter, NOW!" [..] "No, not in twenty minutes, right now!" [..] "Oké.." We worden binnen tien minuten teruggebeld. Na vijf minuten bellen we zelf weer op en geven onze precieze coördinaten door. Schiet alsjeblieft op..

Ik kijk naar het kamp in de verte. De drie stipjes zijn uitgegeten bij de eerste tent en halen nu de rest van het kamp overhoop. Hoeveel eten hadden we bij ons? En wat doen de ijsberen zodra ze uitgegeten zijn? Ze weten welke kant we op zijn gerend, ze kunnen ons ongetwijfeld ruiken en wij kunnen geen kant op. "Waar gaan we heen als ze hierheen komen?" Het dichtstbijzijnde dorp is Tasiilaq, op enkele uren lopen, maar de ijsberen zijn in het kamp, tussen ons en het dorp in. Ik kijk achterom: aan de ene kant een steile bergwand, aan de andere kant een diepblauw meer. Het meer is geen optie: ijsberen kunnen zwemmen als de beste, maar mensen raken onmiddellijk onderkoeld in dit ijskoude gletsjerwater. Langs het meer? De waterkant is bezaaid met losse rotsblokken en struiken. IJsberen rennen harder dan wij en voor die dieren is dit eenvoudig terrein. De berg op? De flank wordt steeds verticaler naarmate je hoger komt, met puin en rotsen. Ik durf niet uit te sluiten dat die ijsberen ook goede klimmers zijn.. Maar het is onze enige uitvalsweg. Plan B is gemaakt.

Het lijkt een slechte film, eentje met mij in de hoofdrol. Ik schud mijn hoofd, holy f.., dit kán niet waar zijn. Mijn hart klopt in mijn keel. Net lagen we nog in het zonnetje langs de waterkant een boekje te lezen! "Wie wil vandaag mee Vegas Fjeld beklimmen?" had onze gids een uur geleden gevraagd. De helft van de groep gaat mee, twee andere vrouwen en ik verheugen ons op een relax-dagje in het kamp. Dat mag ook wel, na twee weken lopen door de Groenlandse wildernis met goedgevulde rugzakken van zo'n 23 kg, gletsjerrivieren doorwaden en stijve knieën. Het is tenslotte vakantie. De zon schijnt en het meertje lokt. Afgezien van de strontvervelende muggen is dit een prachtige plek. "Nemen jullie de satelliettelefoon maar mee, ons gebeurt niks, wij blijven alleen maar in het kamp." We zwaaien de rest uit terwijl ze naar boven zwoegen.

"Hebben jullie ook al honger?" vraag ik aan D. en S., terwijl ik op een Snickers kauw. "Eerst even zwemmen en dan een vroege lunch?" Ik pak mijn sneldrogende handdoek en loop op Teva's naar de waterkant. Snel uitkleden en het water in. Brrrr, mijn tenen bevriezen terwijl ik links en rechts wat water over me heen schep en me inzeep met bio-soap. Maar verfrissend is het wel! Nadat we alle drie gebadderd hebben, maken we voorbereidingen om te gaan lunchen. De pot schaft vandaag WASA crackers, Bever Hartkeks, jam, pindakaas, leverpastei en een verrassing van S.: een heuse droge worst! D. wast nog even snel een shirtje uit. Ik smeer me in met zonnebrandcrème en anti-muggenolie. Zo, zonnebril op, boekje erbij en relaxt liggen. S. ligt naast me met haar ogen dicht. Ik hoor iets, D. roept naar ons. Ik versta haar nét niet. Ik leun op mijn ellebogen om het beter te kunnen horen. D. komt dichterbij: "ijsbeer, IJSBEER!!" Ze maakt vast een grapje, wijzend naar een rotsblok in de vorm van een ijsbeer, net als die 'koe' in de rivier eerder tijdens deze reis. Want ijsberen, die zitten hier niet.

Twee zwarte ogen, nee zes zwarte ogen, stormen op me af. Op nog geen tien meter afstand, in volle galop. Snuivend en knorrend komen ze op me af. Ik zie de enorme poten als in slow-motion neerkomen tussen de stenen. Een volwassen ijsbeer en twee uit de kluiten gewassen jongen rennen op me af. Er is geen tijd om na te denken. "IJSBEER" roep ik nu ook en naast me schrikt S. op. In een reflex springen we overeind en vluchten weg. In paniek rennen we langs het meer. Ik gooi mijn boek weg, alsof die paar gram minder me sneller doet rennen. Ik kijk om, "ze komen achter ons aan!" Mijn Teva's vinden grip op de losse stenen. Ik zie niet waar ik loop, ik ren, maakt niet uit waarheen, als het maar weg is van hier. Waar moet ik heen, ik kan ze niet ontlopen, ze zijn veel sneller dan ik, ik ben er geweest. Door het water. Over rotsblokken. Ik kijk nog een keer achterom. Ik moet weten waar de ijsberen zijn! Ik zie hoe moeder-ijsbeer zich op haar voorpoten laat terugvallen en zich omdraait. De twee kleintjes volgen haar voorbeeld en hobbelen naar de uitgestalde lunch. "Ze stoppen, ze gaan terug!" Ik ben er nog, ik leef nog!

We blijven rennen. Daar, aan die kant van het meer hadden we 's ochtends een tentje zien staan. Dat betekent mensen, hulp! Het stuk waar we die ochtend een kwartier over hadden gedaan, leggen we nu binnen een paar minuten af. Hoezo zijn wij langzaam vandaag? denk ik verontwaardigd. Ik hoor het de gids nog zeggen die ochtend. "Daar zijn ze!" Wild zwaaiend met onze armen rennen we op twee nietsvermoedende wandelaars af. Ze hebben hun rugzak afgedaan en kijken verwonderd naar de drie vrouwen die roepend op ze af komen rennen. "Help us! Polar bears!" De twee mannen kijken elkaar aan en daarna ons: drie vrouwen in paniek, alleen in de Groenlandse wildernis, zonder rugzak, gekleed in een hempje en één slechts in bh.. Het zijn Duitsers, vader en zoon. "Haben Sie ein Satellitentelefon oder gewehr?" vraagt S. De vader begint in zijn backpack te graven. Hijgend komen we tot stilstand. Ik kijk om naar het kamp en zie drie witte stipjes tussen de tenten scharrelen.

Ik kijk om naar het kamp en zie drie witte stipjes tussen de tenten scharrelen.

"Daar gaat je tent!" zegt D. naast me. Ze zoomt in met haar camera. "Echt waar, hij is weg." Ik tuur naar de plek waar mijn tent stond. Het is nu een zielig hoopje groen tentdoek met drie ijsberen er bovenop. Mijn WASA crackers lagen nog in de tent. De kleinste ijsbeer steekt zijn hoofd in mijn tas, ongetwijfeld gelokt door de geur van rozijnen en chocola.

"Hoe laat is het, zijn er al 10 minuten voorbij?" "Geen idee, laten we gewoon nog een keer bellen." Weer bellen we het noodnummer. "Yeah, hi, this is the polar bear group, we need rescue, a helicopter, can you help us?" Ja ja, ze komen eraan, zo wordt ons verzekerd. Hoeveel tijd is er inmiddels verstreken? Waar is de rest van onze groep, zouden ze iets gezien hebben? Een diep gerommel zwelt aan. Aan de andere kant van het meer verschijnt een rode stip boven de berghelling, de helikopter! Ik durf niet op te springen en te zwaaien, bang om de aandacht van de ijsberen te trekken. Had ik nu maar een felgekleurd shirt aan. Het tjop-tjop-tjop komt steeds dichterbij. Als ze de ijsberen maar niet onze kant op jagen met die herrie! Gelukkig kijken de ijsberen niet op of om. De helikopter vliegt aan de overkant van het meer voorbij en verdwijnt over de volgende bergkam... "Nee! Ze gaan naar het verkeerde meer! Bel ze terug!" Tussen hoop en vrees wachten we af, turend naar de plek waarachter onze hoop verdwenen is.

Het duurt een eeuwigheid voordat de aanzwellende echo van het ge-tjop-tjop mijn oren weer bereikt. Door het raampje van de helikopter zien we de mannen zitten. Ze vliegen laag over het kamp. Nu kijken de ijsberen wel verschrikt op en zetten het op een lopen, de helikopter erachteraan. Vijf of zes zwaarbewapende mannen komen uit de helikopter. Als een goed geoefend SWAT-team waaieren ze uit, geweren in de aanslag. Ik kan die mannen wel omhelzen, zo blij ben ik dat ze er zijn! En dat doe ik ook zodra we weer in het kamp staan.

Nu kijken de ijsberen wel verschrikt op en zetten het op een lopen, de helikopter erachteraan.

De ravage is enorm. Kleren, spullen en etensresten liggen overal verspreid. Er is niks over van mijn tent, de tentstokken zijn als satéprikkers gebroken en het doek is gescheurd. De overblijfselen van de crackers liggen er verkruimeld naast. De hartkeks zijn zorgvuldig uit een vakje van mijn tas gehengeld en verslonden. De salmiaksnoepjes hebben ze echter laten zitten. "Kijk", zeg ik tegen S., terwijl ik mijn waterzak omhoog houd. Het tuitje is afgebeten en het water spuit in meerdere straaltjes uit de zak. S. laat een bekwijld dopje van de zonnebrandcrème zien, ook opgegeten. Ik prop mijn spullen willekeurig in een tas. Met twee gewapende mannen op de uitkijk voel ik me een stuk veiliger. De Duitsers helpen met inpakken. Tassen en zakken worden vastgesjord achter een net. Ik heb altijd al in een helikopter willen vliegen, maar niet op deze manier..

"Normally, polar bears don't just attack humans", zegt de geschrokken hoteleigenaar. Ik word bijna boos, "well, they attacked us!" Maar, gaat hij verder, ze zijn mogelijk gevaarlijk als je op de grond ligt, dan kunnen ze je voor een zeehond aanzien. "We were lying on the ground!" Maar zelfs dan, zegt hij, pas als ze jongen bij zich hebben zijn ze echt agressief. "The polar bear had two cubs!", roepen S. en ik tegelijk. Hij trekt wit weg. Als hij vervolgens hoort dat we geen geweer bij ons hadden, want 'er zitten hier geen ijsberen', maakt hij een hopeloos wegwerpgebaar.

Eenmaal in het hotel voel ik me iets veiliger. Veel dank aan Robert Peroni en de twee Duitse wandelaars, van wie ik de namen helaas niet weet.

© MS 2014 / 2015

ijsberen | aanval | oost-Groenland | Tasiilaq | zomer | juli-augustus 2014 | rugzaktrekking | kamperen | wandelen | vakantie | Angmagssalik | Vegas Fjeld | Ammassalik | Sermilik fjord | Kulusuk | Tiniteqilaaq | Qorlortoq Sø | The Red House | geweer | wapen